Een belangrijke clausule om op te nemen in een samenwerkingsovereenkomst is een niet-concurrentiebeding.
Een niet-concurrentiebeding is een beding waarbij een partij zich ertoe verbindt om, tijdens de duur van de overeenkomst en/of na het einde ervan, geen activiteiten uit te oefenen die met deze van de andere contractpartij concurreren.
Het doel van een concurrentiebeding is om uw cliënteel juridisch te beschermen. Het zal ervoor zorgen dat wanneer een partner de onderneming verlaat, deze niet zomaar alle cliënten kan meenemen of zich naast uw deur kan vestigen met een concurrerende onderneming.
Houd wel rekening dat cliënteel vrij is en aldus beschikt over een “recht” om over te stappen heeft. U zal (in principe) een cliënt dus niet kunnen verhinderen om naar een concurrent over te stappen. Het is mogelijk om de nadelige gevolgen van het vertrek van een partner (gecombineerd met de vrijheid van de cliënt) zo veel als mogelijk op te vangen door een niet-concurrentiebeding in de overeenkomst te voorzien. Door bijvoorbeeld te bepalen dat de partner zich niet mag vestigen binnen een straal van 10 km wordt een feitelijke beperking gesteld waardoor de cliënt niet geneigd zal zijn om de voormalige partner te volgen. Bovendien zou je stappen kunnen ondernemen indien de voormalige partner toch cliënten zou afsnoepen.
Wil een niet-concurrentiebeding geldig zijn dan moet uiteraard voldaan zijn aan een aantal voorwaarden.
Voldoet een niet-concurrentiebeding niet aan bovengenoemde voorwaarden? Dan loopt u het risico dat het beding nietig verklaard zal worden waardoor het geen uitwerking zal vinden.
Wilt u zeker zijn van een waterdichte samenwerkingsovereenkomst? Aarzel dan niet om ons te contacteren. Onze advocaten geven u graag meer info tijdens een vrijblijvend kennismakingsgesprek.